ECLI:NL:CRVB:2005:AU3930
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na herziening arbeidsongeschiktheid
Appellant had een WAO-uitkering die per 1 juni 2000 werd herzien naar een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Vervolgens werd de uitkering per 1 februari 2001 ingetrokken. Appellant maakte bezwaar tegen deze intrekking, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv). De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep tegen deze beslissing eveneens ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de zitting was appellant afwezig, terwijl het Uwv zich liet vertegenwoordigen. De Raad heeft de gronden van de rechtbank overgenomen en het hoger beroep ongegrond verklaard, waarbij werd vastgesteld dat er geen gronden waren voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad bevestigde daarmee de intrekking van de WAO-uitkering en de eerdere uitspraken, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering blijft in stand.