ECLI:NL:CRVB:2005:AU4089
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- S.W. van Osch-Leysma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens ontbreken causaal verband bij onrechtmatige besluiten bij bijstandsverlening
Appellante kocht op 27 februari 2002 een woning en vroeg op 11 juni 2002 bijstand aan op grond van de Algemene bijstandswet (Abw). Gedaagde vroeg om een eigendomsbewijs van de woning nadat appellante had aangegeven dat de woning mogelijk aan haar ouders zou worden overgedragen en zij deze zou huren. Appellante maakte bezwaar tegen dit verzoek. Vervolgens verleende gedaagde bijstand in de vorm van een geldlening, maar wijzigde dit besluit later onder het verband van hypotheek. De hypotheek kon niet worden gevestigd omdat appellante de woning in december 2002 aan haar ouders verkocht en deze vanaf 1 januari 2003 huurde.
Gedaagde trok de bijstand met terugwerkende kracht in per 17 juni 2002. Appellante verzocht om schadevergoeding voor kosten die zij had gemaakt door de onrechtmatige besluiten. De rechtbank vernietigde de besluiten maar wees het schadeverzoek af wegens het ontbreken van causaal verband.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze afwijzing. De Raad stelde vast dat appellante de woning al had gekocht vóór de bijstandsaanvraag en het verzoek om eigendomsbewijs, en dat zij de woning op eigen initiatief aan haar ouders had verkocht voordat gedaagde hiervan op de hoogte was en voordat de bezwaarprocedure was afgerond. Hierdoor was geen causaal verband tussen de onrechtmatige besluiten en de schade. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van causaal verband tussen de onrechtmatige besluiten en de gestelde schade.