ECLI:NL:CRVB:2005:AU4103
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken belang bij beoordeling WAO-besluiten
Appellant had bezwaar gemaakt tegen besluiten van het UWV betreffende schorsing, intrekking en terugvordering van zijn WAO-uitkering. De rechtbank had deze beroepen ongegrond verklaard. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen belang meer had bij de beoordeling van het hoger beroep, omdat geen schadevergoeding was gevraagd en het latere besluit van het UWV (besluit 4) tegemoet kwam aan zijn bezwaren. Hierdoor werden de hoger beroepen niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant voor zowel eerste aanleg als hoger beroep, en tot terugbetaling van het betaalde griffierecht. De zitting vond plaats zonder aanwezigheid van partijen.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken belang bij beoordeling van de WAO-besluiten.