ECLI:NL:CRVB:2005:AU4212
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- S.W. van Osch-Leysma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht door prostitutie-inkomsten
Appellante ontving bijstand van mei 1996 tot november 1997. Uit onderzoek bleek dat zij in deze periode als prostituée werkte en inkomsten verwierf. De gemeente Amsterdam trok daarop het recht op bijstand in en vorderde de kosten van bijstand terug.
De rechtbank vernietigde een eerdere terugvordering wegens onvoldoende bewijs van inkomsten, waarna de gemeente een nieuw besluit nam met een lager terugvorderingsbedrag. Appellante stelde dat zij 50% van haar inkomsten moest afdragen aan de verhuurder, wat zij wilde verrekenen met de inkomsten.
De Raad oordeelde dat op grond van de Algemene bijstandswet geen ruimte is voor verrekening van verwervingskosten met inkomsten en dat appellante geen concrete, verifieerbare gegevens had over de kosten. Hierdoor is zij tekortgeschoten in haar inlichtingenplicht en is de terugvordering terecht. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand van € 7.952,19 bruto wordt bevestigd.