ECLI:NL:CRVB:2005:AU4241
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- M.I. ‘t Hooft
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht en overschrijding beroepstermijn
Opposant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, maar de Centrale Raad van Beroep heeft dit hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald en het beroepschrift niet tijdig was ingediend. Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring heeft opposant verzet ingesteld.
Tijdens de zitting zijn partijen niet verschenen. De Raad heeft het verzet inhoudelijk beoordeeld en vastgesteld dat er geen relevante omstandigheden zijn die het verzuim van opposant kunnen rechtvaardigen. Ook het argument dat de fiscus het inkomen van opposant nog niet definitief had vastgesteld, bood geen grond om het verzet gegrond te verklaren.
De Raad heeft daarom het verzet ongegrond verklaard en geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan de uitzonderingsbepalingen van de Algemene wet bestuursrecht. Hiermee blijft de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep in stand.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep blijft niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling van griffierecht en overschrijding van de beroepstermijn.