ECLI:NL:CRVB:2005:AU4815
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toepassing anoniementarief wegens ontbreken identiteitsbewijzen bij looncontrole
Tijdens een boekenonderzoek bij appellante werd vastgesteld dat van drie werknemers geen afschriften van geldige identiteitsbewijzen in de loonadministratie aanwezig waren. Gedaagde, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, stelde appellante een hersteltermijn van vier weken na de looncontrole in om de ontbrekende documenten alsnog aan te leveren. Appellante maakte hier geen gebruik van, waarna gedaagde correctienota's opstelde waarbij het anoniementarief werd toegepast.
In de bezwaarprocedure overhandigde appellante alsnog de documenten, maar gedaagde verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de documenten niet geldig waren op het moment van indiensttreding. De Centrale Raad van Beroep concludeert dat appellante niet heeft voldaan aan de verplichting uit de Wet op de identificatieplicht om de identiteit van werknemers vast te stellen aan de hand van geldige documenten.
De Raad benadrukt dat een rijbewijs niet als geldig document geldt volgens de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen. Het verzuim kan niet achteraf worden hersteld, ondanks de geboden hersteltermijn. Hierdoor was gedaagde gerechtigd het anoniementarief toe te passen. De Raad ziet geen reden voor een proceskostenveroordeling en bevestigt de eerdere uitspraak.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de toepassing van het anoniementarief wegens het ontbreken van geldige identiteitsbewijzen in de loonadministratie.