ECLI:NL:CRVB:2005:AU5127
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na herbeoordeling op medische en arbeidskundige gronden
Appellant, voormalig produktiemedewerker in de betonindustrie, liep een gecompliceerde beenfractuur op na een bedrijfsongeval en kreeg een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 15-25%.
Na een eerste jaars herbeoordeling op medische en arbeidskundige gronden, waarbij nieuwe rapporten van een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige werden gebruikt, werd de uitkering ingetrokken omdat appellant naar oordeel van het UWV met passende arbeid een loonverlies van minder dan 15% zou hebben.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn medische situatie gelijk was gebleven en dat hij slechts een halve dag belastbaar was, met beperkingen zoals duizeligheidsklachten. De Raad oordeelde echter dat de geselecteerde functies binnen zijn belastbaarheid vielen en dat de medische en arbeidskundige beoordeling deugdelijk was.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering. Tevens werd overwogen dat verschillen in mate van arbeidsongeschiktheid bij herkeuringen kunnen ontstaan door veranderingen in gebruikte beoordelingssystemen en dat de klachten van duizeligheid niet waren gemeld en daarom niet in de beoordeling konden worden meegenomen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering op basis van een deugdelijke medische en arbeidskundige beoordeling.