ECLI:NL:CRVB:2005:AU5315
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in herzieningsprocedure sociale zekerheidsuitspraak
Verzoeker heeft herhaaldelijk verzocht om herziening van een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 1 juni 2005, waarin reeds een verzoek om herziening was afgewezen. Hij stelt sinds 1992 volledig arbeidsongeschikt te zijn en heeft hiervoor bewijsstukken overgelegd die al in eerdere procedures zijn gebruikt.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening slechts kan worden getroffen bij onverwijlde spoed en indien de belangen dat vereisen. Het verzoek bevat geen nieuwe feiten of omstandigheden die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigen. Het bijzondere rechtsmiddel van herziening is niet bedoeld om een eerdere beslissing opnieuw te betwisten zonder nieuwe feiten.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is het niet aannemelijk dat het verzoek om herziening zal slagen, omdat niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 8:88 Awb Pro, die vereisen dat nieuwe feiten of omstandigheden voor de uitspraak niet bekend waren en tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan nieuwe feiten en onverwijlde spoed.