ECLI:NL:CRVB:2005:AU5530
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- G.F. Walgemoed
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding huishoudelijke hulp bij aanvullende verzekering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers
Eiser, een burger-oorlogsslachtoffer met diverse gezondheidsklachten door oorlogservaringen, vroeg vergoeding voor uitbreiding van huishoudelijke hulp en lichamelijke verzorging op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers (WUBO). Verweerster kende een vergoeding toe voor huishoudelijke hulp, maar bracht daarbij de bedragen die eiser ontving uit een aanvullende particuliere verzekering in mindering.
Eiser betwistte deze verrekening en stelde dat hij de aanvullende verzekering ten behoeve van verweerster had afgesloten. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de WUBO een complementair karakter heeft, waarbij alleen kosten die niet door andere instanties worden vergoed in aanmerking komen voor vergoeding.
De Raad stelde vast dat de door eiser ontvangen bedragen uit de aanvullende verzekering onmiskenbaar de kosten voor huishoudelijke hulp hebben verminderd. Daarom was het gerechtvaardigd deze bedragen in mindering te brengen op de vergoeding uit hoofde van de WUBO. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de verrekening van de aanvullende verzekering met de vergoeding op grond van de WUBO is geoorloofd.