ECLI:NL:CRVB:2005:AU5650
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering ziekengeld na WAO-herbeoordeling wegens geschiktheid voor functies
Appellant ontving een WAO-uitkering vanwege psychische en rugklachten. Bij een herbeoordeling in april 2001 werd hij minder dan 15% arbeidsongeschikt geacht. Na ziekmelding in september 2002 en onderzoek door een verzekeringsarts is appellant per 2 december 2002 geschikt bevonden voor de functies die bij de laatste WAO-beoordeling waren vastgesteld.
De uitkeringsinstantie weigerde daarom ziekengeld toe te kennen vanaf die datum. Appellant betoogde dat zijn psychische klachten ernstiger waren dan vastgesteld en dat hij door een psychiater onderzocht moest worden. De Raad oordeelde echter dat de medische beoordeling voldoende was onderbouwd en dat er geen reden was voor aanvullend onderzoek.
De Raad bevestigde dat appellant geschikt is voor enkele geselecteerde functies en dat de maatstaf voor 'zijn arbeid' de functies zijn die bij de WAO-beoordeling zijn vastgesteld. Daarom is het besluit tot weigering van ziekengeld terecht en wordt het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad bevestigt de weigering van ziekengeld omdat appellant geschikt is voor de laatst vastgestelde WAO-functies.