ECLI:NL:CRVB:2005:AU5687
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsplicht directeuren-grootaandeelhouders onder sociale verzekeringswetten bevestigd
Appellante, een werving- en selectiebureau, betwistte de verzekeringsplicht van haar directeuren-grootaandeelhouders over de periode 1 januari tot 1 mei 2000. Gedaagde had op grond van een looncontrole premies en een boete opgelegd wegens het aannemen van verzekeringsplicht volgens artikel 3 van Pro de Ziektewet, Werkloosheidswet en Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
De rechtbank had geoordeeld dat sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking vanwege loon, persoonlijke dienstverrichting en een gezagsverhouding. Appellante voerde in hoger beroep aan dat na februari 2000 geen betalingen meer aan een betrokkene waren gedaan en dat de boete onterecht was omdat zij te goeder trouw had gehandeld.
De Raad overwoog dat het op appellante rustte om bij onzekerheid informatie in te winnen bij gedaagde, en dat het nalaten hiervan de boete rechtvaardigde. Verder stelde de Raad dat directeuren-grootaandeelhouders zonder doorslaggevende stem in de algemene vergadering in beginsel onder gezag van de vennootschap werken, en dat appellante onvoldoende bewijs leverde voor het tegendeel.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De opgelegde boete van 25% bleef gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verzekeringsplicht en handhaaft de opgelegde boete van 25%.