ECLI:NL:CRVB:2005:AU5782
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) om haar geen WAO-uitkering toe te kennen, omdat zij volgens het UWV minder dan 15% arbeidsongeschikt is. De rechtbank Zwolle heeft dit besluit eerder bevestigd na een beoordeling van medisch onderzoek, waaronder röntgenfoto's en huisartsgegevens, en arbeidsdeskundige rapporten. De rechtbank verwierp het rapport van de arbeidsdeskundige Flohr voor zover daarin een medisch oordeel werd gegeven.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat de frequentie en afstand van reiken in de voorgestelde functies te zwaar voor haar zijn en dat zij niet voldoet aan de opleidingseisen. Deze standpunten zijn echter niet onderbouwd met medische gegevens. De Raad acht de toelichting van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts over het reiken helder en overtuigend en ziet geen reden om hiervan af te wijken.
Ook ten aanzien van de opleidingseisen concludeert de Raad dat appellante in staat moet worden geacht de functies te vervullen, mede gelet op haar onderwijsachtergrond en eerdere werkzaamheden. De Raad bevestigt daarmee de eerdere uitspraak en ziet geen grond voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante minder dan 15% arbeidsongeschikt is en geen WAO-uitkering ontvangt.