ECLI:NL:CRVB:2005:AU6045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over verzekerde jaren AOW op grond van onvoldoende onderzoek
Appellante, geboren in 1935 en nooit in Nederland gewoond of gewerkt, vroeg een AOW-pensioen aan op basis van het arbeidsverleden van haar echtgenoot die in Nederland werkte. De Sociale verzekeringsbank kende haar een AOW-pensioen toe gebaseerd op 15 verzekerde jaren van haar echtgenoot van 1966 tot 1980. Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat haar echtgenoot tot 1998 verzekerd was.
De rechtbank handhaafde het besluit omdat onvoldoende bewijs was geleverd dat de echtgenoot na 1980 verzekerd was, ondanks inschrijving in het bevolkingsregister tot 1988. In hoger beroep stelde appellante dat haar echtgenoot ook in de jaren 80 werkte en een snackbar bezat. Deze informatie werd niet weerlegd door de Sociale verzekeringsbank.
De Raad concludeert dat het onderzoek naar de verzekerde jaren onvoldoende zorgvuldig was en vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank. De Sociale verzekeringsbank wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen en wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldig onderzoek en de Sociale verzekeringsbank wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.