ECLI:NL:CRVB:2005:AU6890
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beëindiging en terugvordering WAO-uitkering en toeslag wegens detentie en onjuiste informatie
Gedaagde ontving sinds 1992 een WAO-uitkering en vanaf 1996 een toeslag ingevolge de Toeslagenwet. Appellant beëindigde de uitkering per 10 juni 2000 vanwege detentie en vorderde onverschuldigd betaalde bedragen terug. De rechtbank vernietigde het besluit tot terugvordering van de toeslag wegens procedurele fouten en oordeelde dat een brief van gedaagde ten onrechte niet als bezwaar was aangemerkt.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat appellant een herzieningsbesluit van 11 juli 2000 had genomen waarin het te hoge toeslagbedrag werd vastgesteld, maar dat dit besluit niet in de procedure was betrokken. De Raad oordeelde dat de rechtbank had moeten navragen naar dit besluit en dat de vernietiging van het bestreden besluit daarom niet stand kon houden.
Verder concludeerde de Raad dat het bestreden besluit geen verslechtering inhield ten opzichte van het eerdere besluit en dat gedaagde niet tijdig correcte informatie had verstrekt over zijn detentie. Er was geen dringende reden om van terugvordering af te zien. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en vernietigde de eerdere uitspraak voor zover die het besluit vernietigde en appellant tot kostenvergoeding veroordeelde.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van toeslag wordt ongegrond verklaard en de eerdere vernietiging van het besluit wordt vernietigd.