ECLI:NL:CRVB:2005:AU6945
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens verzuim indienen beroepsgronden
Eiser heeft op 22 mei 2005 beroep ingesteld tegen een besluit van het bestuur van de rechtbank 's-Gravenhage van 11 april 2005. Volgens artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet een beroepschrift de gronden van het beroep bevatten. Het ingediende beroepschrift bevatte echter geen gronden.
De Raad heeft eiser op 1 juni 2005 schriftelijk verzocht het verzuim binnen vier weken te herstellen, maar deze termijn is ongebruikt voorbijgegaan. Vervolgens is op 4 juli 2005 nogmaals aangetekend een termijn van twee weken gesteld om alsnog beroepsgronden in te dienen, met de waarschuwing dat overschrijding tot niet-ontvankelijkverklaring kan leiden. Ook deze termijn is door eiser niet benut.
De Raad heeft geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb, die in bijzondere omstandigheden herstel kan toestaan. Omdat eiser geen gronden heeft ingediend en geen verontschuldiging voor het verzuim heeft gegeven, verklaart de Centrale Raad van Beroep het beroep niet-ontvankelijk en besluit zonder inhoudelijke behandeling van het beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van beroepsgronden binnen gestelde termijnen.