ECLI:NL:CRVB:2005:AU6964
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot herziening AAW-uitkering eerste arbeidsongeschiktheidsdag
Appellant heeft bij het UWV verzocht om terug te komen op het eerdere besluit van 14 april 2000, waarin zijn eerste arbeidsongeschiktheidsdag en de grondslag voor zijn AAW-uitkering waren vastgesteld. Dit verzoek werd afgewezen omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die herziening rechtvaardigden.
De rechtbank had het besluit van het UWV eerder in stand gelaten, en ook in hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld dat het bestuursorgaan in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen. De medische rapporten die appellant ter ondersteuning van zijn verzoek heeft ingediend, waren reeds bekend bij het oorspronkelijke besluit en vormen geen nieuw bewijs.
De Raad benadrukt dat een bestuursorgaan bevoegd is om ambtshalve besluiten te herzien, maar dat toetsing door de bestuursrechter zich moet beperken tot de vraag of sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. Het hoger beroep is daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV wordt bevestigd.