ECLI:NL:CRVB:2005:AU7109
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.G. Treffers
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding na onrechtmatige functietoewijzing ambtenaar
Appellant, een ambtenaar, verzocht om schadevergoeding nadat hem in 1995 onterecht een functie in zijn woonplaats werd geweigerd en hij een functie op 98 kilometer afstand toegewezen kreeg. Hoewel de Staatssecretaris van Defensie de onrechtmatigheid van het besluit erkende, wees hij het verzoek om schadevergoeding af omdat appellant niet tijdig gebruik had gemaakt van het beschikbare rechtsmiddel.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de erkenning van onrechtmatigheid niet leidt tot een automatische vergoedingsplicht indien de benadeelde niet tijdig het rechtsmiddel benut om het onrechtmatige besluit te herstellen. Artikel 6:101 BW Pro bepaalt dat schade die het gevolg is van omstandigheden die aan de benadeelde zijn toe te rekenen, niet vergoed hoeft te worden. Appellant had redelijkerwijs het beroepstermijn moeten benutten om de nadelige gevolgen te voorkomen.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het verzoek om schadevergoeding af. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 10 november 2005.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen wegens niet tijdig benutten van het rechtsmiddel.