ECLI:NL:CRVB:2005:AU7800
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over looncorrecties wegens niet-betaalde huur dienstwoning
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Dordrecht over looncorrecties en boeten die zijn opgelegd wegens het niet in rekening brengen van huur voor dienstwoningen aan werknemers. De looncontrole vond plaats in 2001 en leidde tot correctienota's voor de jaren 1997 tot en met 2000 en 2002, gebaseerd op de aanname dat betrokken werknemers gratis een dienstwoning gebruikten.
De Raad stelde vast dat de correcties berustten op een juiste grondslag, namelijk dat de dienstwoningen als loon in natura moesten worden verantwoord. De economische huurwaarde werd vastgesteld op basis van de contractuele afspraken tussen de werkgever en de werknemers, waarin een vergoeding van f 600,-- per maand was overeengekomen. De stelling van appellante dat de werkelijke huurwaarde lager zou zijn, werd niet onderbouwd met een beschikking van de belastinginspecteur.
De rechtbank had het beroep tegen het eerdere besluit niet-ontvankelijk verklaard omdat appellante geen belang meer had bij inhoudelijke behandeling. De Raad onderschrijft dit oordeel en bevestigt tevens dat de correcties en boeten terecht zijn gehandhaafd. De klacht over het uitblijven van terugbetaling van teveel betaalde bedragen wordt niet inhoudelijk beoordeeld. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit dat de looncorrecties en boeten terecht zijn opgelegd wegens niet-betaalde huur voor dienstwoningen.