ECLI:NL:CRVB:2005:AU8001
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Verrekening van teveel betaalde uitkering met bijzondere voorzieningen toegestaan onder Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers
Eiser, geboren in 1938 en uitkeringsgerechtigde op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, maakte bezwaar tegen een besluit van de Raadskamer WUV. Dit besluit betrof de terugvordering van een teveel betaalde periodieke uitkering over het jaar 2003, vanwege het niet meenemen van zijn inkomsten uit het buitengewoon pensioen 1940-1945 bij de voorlopige berekening.
Eiser voerde aan dat hij erop mocht vertrouwen dat verweerster op de hoogte was van zijn pensioen en dat het hem niet valt aan te rekenen dat de uitkering aanvankelijk te hoog werd vastgesteld. Tevens stelde hij dat de verrekening met een bijzondere voorziening onrechtmatig was.
De Raad oordeelde dat de definitieve vaststelling van de uitkering volgens artikel 59a van de Wet leidde tot een terugvordering van het teveel betaalde bedrag, ongeacht of eiser verwijtbaar handelde. De verrekening met de bijzondere voorziening werd onder de gegeven omstandigheden als toelaatbaar beschouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de terugvordering met verrekening blijft in stand.