ECLI:NL:CRVB:2005:AU8533
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- C.D.A. Bos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nabestaandenuitkering wegens niet-verzekerd zijn krachtens ANW
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in 2001. Haar echtgenoot had in Nederland gewerkt en een WAO-uitkering en AOW-pensioen ontvangen, maar woonde ten tijde van zijn overlijden in Marokko en was niet meer werkzaam in Nederland.
De rechtbank Amsterdam wees de uitkering af omdat de echtgenoot niet verzekerd was volgens de ANW. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij dacht dat haar echtgenoot verzekerd was en dat zij niet geïnformeerd was over de mogelijkheid tot vrijwillige verzekering. De Sociale verzekeringsbank bevestigde dat de echtgenoot niet was toegelaten tot de vrijwillige verzekering en dat terugwerkende toelating zou leiden tot intrekking van het besluit.
De Raad overwoog dat op grond van artikel 13 ANW Pro alleen ingezetenen of werknemers in Nederland verzekerd zijn. Omdat de echtgenoot in Marokko woonde en niet meer werkte in Nederland, was hij niet verzekerd. De mogelijkheid tot vrijwillige verzekering vanaf 1 januari 2000 was niet benut. Ook op grond van het Verdrag sociale zekerheid tussen Nederland en Marokko bestond geen recht op uitkering omdat de echtgenoot niet verzekerd was onder Marokkaanse wetgeving.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. Partijen kunnen nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de echtgenoot van appellante ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was onder de ANW en wijst het hoger beroep af.