ECLI:NL:CRVB:2005:AU8838
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek woonvoorziening vast toilet wegens voldoende adequaat alternatief
Appellante, die bij haar zoon woont, verzocht om een woonvoorziening in de vorm van een vast toilet op de badkamer vanwege haar nachtelijke plasproblemen. Het Regionaal Indicatieorgaan (Rio) adviseerde dat zij zonder hulpmiddel in en om het huis kan lopen en zelfstandig huishoudelijke taken verricht. De medisch adviseur concludeerde dat het plasprobleem leeftijdsgerelateerd is en dat een toiletstoel adequaat is.
Gedaagde verstrekte een losse toiletstoel, wat werd gehandhaafd in bezwaar en door de rechtbank bevestigd. De rechtbank oordeelde dat appellante geen medische beperkingen heeft die het gebruik van de toiletstoel belemmeren en dat het eenmaal per dag legen van de emmer toereikend is. Tevens werd overwogen dat redelijkerwijs mag worden verlangd dat familieleden meewerken aan oplossingen.
In hoger beroep benadrukte appellante dat haar zoon niet kan worden belast met het legen van de emmer, maar de Raad onderschreef het standpunt van gedaagde en de rechtbank. De Raad bevestigde dat de losse toiletstoel de goedkoopste adequate voorziening is en wees het verzoek om een vast toilet af.
Uitkomst: Het verzoek om een vast toilet op de badkamer wordt afgewezen en de toegewezen losse toiletstoel blijft gehandhaafd.