ECLI:NL:CRVB:2005:AU8839
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- Rechtspraak.nl
Besluit over goedkoopste adequate vervoersvoorziening bij Wvg-voorziening
In deze zaak gaat het om een geschil tussen het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen en een individuele gedaagde over de toekenning van een vervoersvoorziening op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg).
De rechtbank had het besluit van 20 juni 2002 vernietigd, omdat zij oordeelde dat appellant ten gunste van gedaagde had moeten afwijken van het primaat van het collectief vervoer zoals vastgelegd in de Verordening voorzieningen gehandicapten. De rechtbank baseerde zich daarbij op het Landelijk Protocol Wvg, dat adviseert bij voorkeur van een gehandicapte voor een duurdere voorziening een financiële tegemoetkoming te verstrekken ter waarde van de goedkoopste adequate voorziening.
De Centrale Raad van Beroep stelt echter vast dat het collectief vervoer in het onderhavige geval wel degelijk de goedkoopste adequate voorziening is. De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank voor zover het het besluit over de vervoersvoorziening betreft en verklaart het hoger beroep van het College ongegrond. Er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep van het College wordt ongegrond verklaard en het besluit tot toekenning van collectief vervoer blijft in stand.