ECLI:NL:CRVB:2005:AU8925
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Weigering ziekengeld wegens geschiktheid voor alternatieve functies ondanks klachten
Gedaagde was werkzaam als productiemedewerkster maar viel uit wegens schouderklachten. Na onderzoek door verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd zij ongeschikt geacht voor haar eigen werk, maar geschikt voor vier andere functies met een iets lager loon. Daarom werd haar ziekengeld geweigerd en een WAO-uitkering toegekend.
Na diverse medische onderzoeken en rapportages, waaronder van een neuroloog en orthopedisch chirurg, werd het bezwaar van gedaagde tegen de weigering ongegrond verklaard. De rechtbank vernietigde dit besluit echter wegens onvoldoende waardering van medische klachten, met name een hernia die mogelijk verband hield met de klachten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het onderzoek van de appellant zorgvuldig was en dat de medische rapporten geen aanleiding geven tot een ander oordeel. De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee het besluit tot weigering van ziekengeld blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van ziekengeld wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.