ECLI:NL:CRVB:2005:AU9000
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek bijstandsuitkering wegens ontbreken bijstandbehoevende omstandigheden
Appellant en zijn echtgenote ontvingen tot 10 november 1999 algemene bijstand op grond van de Algemene bijstandswet. Na deze datum werden zij als zelfstandigen gedoogd zonder bijstand te ontvangen. Appellant verzocht in 2000 om bijstand over het jaar 1999 vanwege een negatief bedrijfsresultaat. Dit verzoek werd door het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven afgewezen omdat appellant niet in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het feit dat appellant en zijn echtgenote tot 10 november 1999 een volledige bijstandsuitkering ontvingen, betekent dat zij gedurende de in geding zijnde periode niet bijstandbehoevend waren. Het negatieve bedrijfsresultaat achteraf verandert hier niets aan.
De Raad ziet geen aanleiding om het besluit te herzien en wijst het beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het verzoek om bijstandsuitkering wordt bevestigd.