ECLI:NL:CRVB:2005:AU9009
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Terugvordering teveel betaalde vergoeding aanschaf auto vervolgde
De zaak betreft een terugvordering van een te veel betaalde vergoeding voor de aanschaf van een auto aan de erven van een overleden vervolgde uit hoofde van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945.
De overleden betrokkene had in november 2003 een aanvraag ingediend voor vergoeding van autokosten. Verweerster kende een voorlopige vergoeding toe op basis van een normbedrag minus een inruilwaarde. Na betaling werd duidelijk dat de levering van de auto werd uitgesteld en uiteindelijk geannuleerd door de zoon van betrokkene na diens overlijden.
Verweerster besloot daarop het teveel betaalde bedrag terug te vorderen, omdat de vergoeding een voorlopige betaling betrof en de auto niet daadwerkelijk werd aangeschaft. De erven voerden aan dat zij de dupe waren van de handelswijze van verweerster en de verlenging van de levertijd, en dat de betaling pas had moeten plaatsvinden bij daadwerkelijke levering.
De Raad oordeelde dat de terugvordering terecht was op grond van artikel 59 van Pro de Wet, waarin een voorlopige vaststelling en latere correctie verplicht is. De brief van verweerster maakte duidelijk dat het om een voorschot ging. De Raad wees het beroep af en veroordeelde de erven niet tot proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van de erven wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van het teveel betaalde bedrag bevestigd.