ECLI:NL:CRVB:2006:AV1050
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens overschrijding termijn afgewezen
Opposante had beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig was ingediend. Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring heeft opposante verzet aangetekend. Dit verzet werd behandeld op zitting, waar opposante niet verscheen, maar de geopposeerde werd vertegenwoordigd.
De Raad heeft vastgesteld dat opposante in haar verzet geen nieuwe gronden heeft aangevoerd die het eerdere oordeel over de overschrijding van de beroepstermijn kunnen wijzigen. De redenen die zij aanvoerde, konden niet worden aangemerkt als omstandigheden die een verzuim rechtvaardigen. Daarom is het verzet ongegrond verklaard.
De Raad heeft geen aanleiding gezien om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat in uitzonderlijke gevallen een herstel van termijn kan toestaan. Het vonnis is uitgesproken door rechter Stevens in aanwezigheid van griffier Schieveen op 26 januari 2006.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens overschrijding van de beroepstermijn is ongegrond verklaard.