ECLI:NL:CRVB:2006:AV1056
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring verzet wegens termijnoverschrijding bij indienen beroepschrift
Opposant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet tijdig was ingediend. Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring heeft opposant verzet gedaan, dat echter te laat bij de Raad werd ingediend.
Tijdens de behandeling van het verzet is vastgesteld dat opposant geen gegronde redenen heeft aangevoerd voor de termijnoverschrijding. De door opposant opgegeven reden, namelijk de ontoereikendheid van de beroepstermijn vanwege distributieproblemen in afgelegen gebieden van Indonesië, wordt niet als een geldige omstandigheid erkend. De Raad overweegt dat er reeds een langere beroepstermijn van 13 weken geldt voor personen die in het buitenland verblijven, zoals opposant.
De Centrale Raad van Beroep concludeert dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die de termijnoverschrijding rechtvaardigen en verklaart het verzet daarom ongegrond.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift.