ECLI:NL:CRVB:2006:AV1189
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit afwijzing kwijtschelding bijstandsuitkering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Middelburg en tegen besluiten van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlissingen over de terugvordering van een teveel betaalde bijstandsuitkering.
De kern van het geschil betreft het verzoek van appellante om kwijtschelding van de restschuld van €16.846,34. De gemeente wees dit verzoek af op basis van gemeentelijke beleidsregels, maar de Raad oordeelt dat deze beleidsregels niet van toepassing zijn omdat niet is voldaan aan de wettelijke criteria van artikel 78c van de Algemene bijstandswet (Abw). Hierdoor is het besluit van 19 januari 2004 strijdig met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en wordt het vernietigd.
Ten aanzien van het aflossingsbedrag stelt de Raad vast dat het besluit van 16 december 2004 in de plaats is gekomen van het eerdere besluit en dat appellante geen procesbelang meer heeft bij het hoger beroep hierover, waardoor dit deel niet-ontvankelijk wordt verklaard. De Raad oordeelt dat het vastgestelde aflossingsbedrag van €39,03 per maand redelijk is, mede gelet op het inkomen van appellante en de beslagvrije voet.
De Raad veroordeelt de gemeente Vlissingen in de proceskosten van appellante en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het aflossingsbedrag wordt niet-ontvankelijk verklaard en het besluit over de kwijtschelding wordt vernietigd.