ECLI:NL:CRVB:2006:AV2746
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Gezagsverhouding en verzekeringsplicht in privaatrechtelijke dienstbetrekking bij aandeelhouder
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Haarlem inzake de verzekeringsplicht van twee personen, [H.] en [L.], die werkzaamheden verrichtten voor belanghebbenden, ondernemingen actief in consulting en management.
De Raad concludeert dat [H.] in de relevante periode in een privaatrechtelijke dienstbetrekking werkzaam was, ondanks zijn zelfstandige ondernemerschap en het bezit van een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). De werkzaamheden van [H.] behoorden tot de kernactiviteiten van belanghebbenden en werden onder toezicht en controle uitgevoerd, wat wijst op een gezagsverhouding.
Ten aanzien van [L.] stelt de Raad vast dat hij geen statutair directeur was, maar wel substantieel bijdroeg aan de bedrijfsvoering van belanghebbende 1. Ondanks zelfstandige uitvoering van opdrachten was er voldoende aanwijzing voor een gezagsverhouding, mede gezien het toezicht en de klachtenafhandeling via belanghebbenden.
De Raad vernietigt het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de verzekeringsplicht van [L.] ontkent en verklaart het beroep van belanghebbende 1 ongegrond. De overige onderdelen van de uitspraak worden bevestigd. Er wordt geen kostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad bevestigt de verzekeringsplicht van [H.] en [L.] en vernietigt het deel van de uitspraak dat de verzekeringsplicht van [L.] ontkent.