ECLI:NL:CRVB:2006:AV3277
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering Wajong-uitkering wegens nieuw gebleken feiten
Appellant verzocht om herziening van een eerdere weigering van een Wajong-uitkering, gebaseerd op de mate van arbeidsongeschiktheid op zijn 18e verjaardag. Het oorspronkelijke besluit van 2 september 1998 wees de uitkering af omdat appellant naar oordeel minder dan 25% arbeidsongeschikt was. Na intensieve begeleiding en scholing ontstonden twijfels over zijn geschiktheid voor arbeid in het vrije bedrijf.
Gedaagde wees het verzoek tot herziening af, stellende dat geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden waren. De rechtbank bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelt echter dat de langdurige, gedocumenteerde begeleiding en arbeidskundige rapporten wel degelijk nieuwe feiten vormen die het eerdere besluit kunnen rechtvaardigen om te herzien.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en beveelt gedaagde een nieuw besluit te nemen. Vergoeding van schadekosten wordt afgewezen, behalve de proceskosten en griffierecht. De Raad veroordeelt het Uwv tot betaling van deze kosten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de Wajong-uitkering wordt vernietigd en gedaagde wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.