ECLI:NL:CRVB:2006:AV5906

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
9 maart 2006
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
05-4898 AOW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • N.J. van Vulpen-Grootjans
  • R.E. Lysen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbAlgemene Ouderdomswet
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging korting op AOW-uitkering wegens niet verzekerde jaren

Appellante stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem waarin een korting van 18% op haar AOW-uitkering werd toegepast vanwege niet verzekerde jaren tussen 20 november 1991 en 22 november 2000.

De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld op 9 februari 2006, waarbij appellante niet is verschenen. De Raad heeft de argumenten van appellante beoordeeld en geen gronden gevonden die aanleiding geven tot een ander oordeel dan de rechtbank.

De Raad verwijst naar een eerdere uitspraak van 10 november 2005 (kenmerk 04/7219 AOW) waarin soortgelijke overwegingen zijn gemaakt en bevestigt dat de korting terecht is toegepast. De Raad wijst toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht af.

De uitspraak van de rechtbank Arnhem wordt daarmee bevestigd en het hoger beroep van appellante wordt verworpen.

Uitkomst: De korting van 18% op de AOW-uitkering wegens niet verzekerde jaren wordt bevestigd.

Uitspraak

E N K E L V O U D I G E K A M E R
05/4898 AOW
U I T S P R A A K
in het geding tussen:
[appellante], wonende te [woonplaats] appellante,
en
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, gedaagde.
I. ONTSTAAN EN LOOP VAN HET GEDING
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de tussen partijen op 28 juni 2005 onder kenmerk 05/323 door de rechtbank Arnhem gewezen uitspraak.
Namens gedaagde is een verweerschrift ingediend.
Het geding is behandeld ter zitting van de Raad, gehouden op 9 februari 2006, waar appellante, met voorafgaand schriftelijk bericht, niet is verschenen en waar gedaagde zich heeft doen vertegenwoordigen door J.A.J. Groenendaal, werkzaam bij de Sociale Verzekeringsbank.
II. MOTIVERING
In dit geding is de vraag aan de orde of op het met ingang van september 2004 aan appellante toegekende ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet terecht een korting van 18% is toegepast in verband met over de periode 20 november 1991 tot en met 22 november 2000 niet verzekerde jaren.
Onder verwijzing naar zijn, bij partijen bekend zijnde, uitspraak van 10 november 2005, met kenmerk 04/7219 AOW, beantwoordt de Raad voormelde vraag bevestigend. De Raad onderschrijft de in die uitspraak weergegeven overwegingen volledig en ziet in hetgeen appellante in hoger beroep naar voren heeft gebracht geen aanknopingspunten om tot een ander oordeel te komen. Het hoger beroep van appellante slaagt dan ook niet en de uitspraak van de rechtbank komt voor bevestiging in aanmerking.
De Raad acht tot slot geen termen aanwezig om toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Aldus gegeven door mr. drs. N.J. van Vulpen-Grootjans, in tegenwoordigheid van
R.E. Lysen als griffier, en uitgesproken in het openbaar op 9 maart 2006.
(get.) N.J. van Vulpen-Grootjans.
(get.) R.E. Lysen.