ECLI:NL:CRVB:2006:AW1618
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over ingangsdatum WAO-uitkering wegens onzorgvuldige besluitvorming
Appellant ging in hoger beroep tegen een besluit van het UWV over de ingangsdatum van de WAO-uitkering van een werkneemster die ziek werd gemeld met rugklachten en diabetes. De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard. In hoger beroep overwoog de Raad dat het bezwaarbesluit waarin de ingangsdatum werd vastgesteld op 2 oktober 1998 onzorgvuldig was voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, mede omdat geen rekening was gehouden met zwangerschaps- en bevallingsverlof.
De medische rapporten toonden dat de werkneemster aanvankelijk arbeidsongeschikt was door zwangerschap en een postnatale depressie, maar dat er onzekerheid bestond over de mate van arbeidsongeschiktheid aan het einde van de wachttijd. Het UWV had geen informatie ingewonnen bij de behandelend sector, wat de Raad als een tekortkoming zag.
De Raad verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het bezwaarbesluit en beval het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het bezwaarbesluit over de ingangsdatum van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen.