ECLI:NL:CRVB:2006:AW1855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens onvoldoende onderhoudsbijdrage voor in Marokko verblijvende kinderen
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht waarin hem de kinderbijslag voor het eerste kwartaal van 2003 werd geweigerd. Het geschil betreft de vraag of appellant heeft voldaan aan de onderhoudsverplichting voor zijn kinderen El Mustapha, Chaimae en Marouane, die in Marokko verblijven en niet tot zijn huishouden behoren.
Volgens vaste rechtspraak moet appellant aantonen dat hij ten minste € 386 per kind per kwartaal heeft overgemaakt aan degene die de kinderen verzorgt, bij voorkeur via internationale postwissels of bankoverschrijvingen. Appellant overlegt bankafschriften waaruit blijkt dat op 28 januari 2003 € 952,94 en op 28 februari 2003 € 1020,-- zijn overgemaakt aan twee verschillende vrouwen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) heeft het eerste bedrag niet meegenomen omdat niet is gebleken dat de ontvanger als verzorgster van de kinderen kan worden aangemerkt.
De Raad stelt vast dat het overgemaakte bedrag van € 1020,-- plus € 10,-- aan overmakingskosten onvoldoende is om aan de onderhoudseis te voldoen. Daarom heeft de Svb terecht de kinderbijslag geweigerd. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van kinderbijslag bevestigd wegens onvoldoende onderhoudsbijdrage.