ECLI:NL:CRVB:2006:AW1869
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering deelname vrijwillige AOW- en ANW-verzekering wegens ontbreken verplichte verzekering
Appellante, woonachtig in Marokko, heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van de Sociale verzekeringsbank (Svb) om haar toe te laten tot de vrijwillige verzekering op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) en de Algemene nabestaandenwet (ANW). De Svb stelde dat deelname alleen mogelijk is binnen één jaar na het einde van een periode van verplichte verzekering, en dat appellante niet verplicht verzekerd was omdat zij nooit in Nederland heeft gewoond of gewerkt.
De rechtbank Amsterdam heeft dit standpunt bevestigd, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overwoog dat de wettelijke bepalingen vereisen dat vrijwillige verzekering aansluit op een periode van verplichte verzekering. Omdat appellante niet in Nederland heeft verbleven of gewerkt, kon zij niet als verplicht verzekerd worden aangemerkt. Ook het gewijzigde verdrag sociale zekerheid tussen Nederland en Marokko bood geen grond voor verplichte verzekering.
Daarom oordeelde de Raad dat de Svb terecht de deelname aan de vrijwillige verzekering heeft geweigerd. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak werd gedaan door rechter H.J. Simon, met griffier C.D.A. Bos, op 7 april 2006.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante niet kan deelnemen aan de vrijwillige AOW- en ANW-verzekering omdat zij niet verplicht verzekerd was.