ECLI:NL:CRVB:2006:AW2057
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verzekeringsplicht deelvissers als werknemers bij vissersbedrijf
Appellante exploiteert een vissersbedrijf en maakt gebruik van deelvissers die aanspraak hebben op een deel van de besomming. Gedaagde stelde dat deze deelvissers als werknemers met verzekeringsplicht moeten worden aangemerkt, terwijl appellante betoogde dat zij mede-exploitanten zijn en dus niet onder de verzekeringsplicht vallen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad stelt vast dat appellante als eigenaresse het economisch bedrijfsrisico draagt en het bedrijfsbeheer voert, terwijl de deelvissers geen wezenlijk economisch risico dragen. De deelvissers ontvangen een relatief klein deel van de besomming en zijn niet als mede-exploitanten aan te merken.
De Raad concludeert dat de hoofdregel van artikel 4, eerste lid, aanhef en onder f, van de sociale werknemersverzekeringswetten van toepassing is, waardoor de deelvissers verplicht verzekerd zijn als werknemers. De premiecorrecties en boetenota’s zijn daarmee terecht opgelegd en het hoger beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de deelvissers als werknemers met verzekeringsplicht gelden en wijst het hoger beroep af.