ECLI:NL:CRVB:2006:AW2102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoeken en terugbetaling premies zonder nieuwe feiten
Appellante heeft bij brief van 8 mei 2002 verzocht om terugbetaling van betaalde premies over vijf kalenderjaren, verwijzend naar een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Tevens verzocht zij om herziening van de premienota over 2001. Gedaagde heeft deze verzoeken afgewezen omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die herziening rechtvaardigen.
De rechtbank Haarlem heeft de beroepen van appellante tegen deze besluiten ongegrond verklaard. In hoger beroep stond centraal of de brief van 8 mei 2002 als bezwaarschrift kon worden opgevat en of de weigering tot herziening en terugbetaling terecht was. De Raad oordeelde dat het verzoek niet binnen de bezwaar- en beroepstermijn viel en dat de bezwaartermijn van zes weken voor premienota’s ook hier van toepassing is.
Verder overwoog de Raad dat de door appellante aangevoerde uitspraken niet als nieuwe feiten of omstandigheden kunnen gelden. De regeling in de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV) vereist nieuwe feiten of veranderde omstandigheden voor herziening, gelijk aan artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De Raad concludeerde dat appellante geen nieuwe feiten had aangevoerd en bevestigde daarom de eerdere uitspraken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herzieningsverzoeken en weigert terugbetaling van premies wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.