ECLI:NL:CRVB:2006:AW3514
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en geschiktheid functies voor WAO-uitkering
Betrokkene meldde zich begin 2000 ziek met klachten aan polsen, ellebogen en kuiten, en onderging operaties zonder verbetering. Het UWV stelde aanvankelijk een arbeidsongeschiktheid van 35-45% vast, later verhoogd naar 45-55% na bezwaar. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege onvoldoende motivering van de arbeidskundige beoordeling.
In hoger beroep bevestigt de Raad dat betrokkene geen nieuwe medische informatie heeft aangeleverd die het oordeel over de medische beperkingen verandert. Wel oordeelt de Raad dat de motivering van het UWV over de functiebelasting onvoldoende is, met name voor de functie assemblage-medewerker, waar het hoge werktempo niet verenigbaar is met de beperkingen van betrokkene.
De Raad concludeert dat het UWV onvoldoende heeft onderbouwd dat betrokkene geschikt is voor de geselecteerde functies en bevestigt daarom de vernietiging van het besluit. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van betrokkene.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het UWV-besluit wegens onvoldoende motivering van de arbeidskundige beoordeling en veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten.