ECLI:NL:CRVB:2006:AW3620
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K.J. Kraan
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ongeschiktheid gerechtsauditeur niet veroorzaakt door ziekte of gebrek
Appellant, voormalig gerechtsauditeur, betwistte zijn ontslag op grond van ongeschiktheid tot de functie, stellende dat zijn functioneren werd beïnvloed door lichamelijke en psychische klachten. Hij voerde aan dat onvoldoende onderzoek was gedaan naar de oorzaak van zijn disfunctioneren en dat er onvoldoende pogingen waren gedaan tot herplaatsing.
De Raad stelde vast dat het ontslagbesluit was gebaseerd op een verkeerde rechtsgrond, maar dat inhoudelijk de ongeschiktheid van appellant vaststond en niet werd veroorzaakt door ziekte of gebrek. Uit verslagen en medische verklaringen bleek dat appellant onvoldoende functioneerde door gebrek aan kennis en analytisch vermogen, en dat psychische klachten pas na het negatieve oordeel over zijn functioneren ontstonden.
Verder concludeerde de Raad dat verweerster voldoende inspanningen had verricht om herplaatsing te onderzoeken, waarbij appellant een aangeboden functie als stafjurist had geweigerd. De Raad oordeelde dat het ontslagbesluit terecht was genomen en dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand konden blijven.
Tot slot veroordeelde de Raad de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het ontslag van appellant is gegrond verklaard omdat hij ongeschikt was voor zijn functie en dit niet werd veroorzaakt door ziekte of gebrek.