ECLI:NL:CRVB:2006:AW5221
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft op 29 augustus 2000 een nieuwe aanvraag ingediend voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering, stellende dat zijn gezondheid verslechterd was. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) weigerde terug te komen op het eerdere besluit van 14 oktober 1996, omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren volgens artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die niet eerder bekend waren of als beroepsgrond konden dienen. In hoger beroep overwoog de Raad dat appellant geen nieuwe feiten had aangedragen en dat de medische verklaringen die hij overlegd had ook eerder hadden kunnen worden ingediend.
De Raad concludeerde dat het Uwv terecht het besluit van 14 oktober 1996 had gehandhaafd en dat er geen grond was om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en het beroep van appellant werd afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.