ECLI:NL:CRVB:2006:AW7297
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Verzet niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de verzetstermijn in socialezekerheidszaak
Appellante heeft verzet ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen, maar dit verzet is niet tijdig ingediend. De wettelijke termijn voor het indienen van een verzetschrift bedraagt zes weken, ingaande de dag na bekendmaking van de uitspraak. Hoewel het verzetschrift per post werd verzonden op 20 april 2005, was dit na de uiterste datum van 6 april 2005.
De Raad heeft overwogen dat appellante geen gegronde redenen of bewijsstukken heeft aangevoerd die het verzuim kunnen rechtvaardigen. De termijn en de gevolgen van overschrijding waren duidelijk vermeld in de oorspronkelijke uitspraak. Appellante heeft pas na ontvangst van een schrijven waarin werd aangegeven dat geen verzet was gedaan, alsnog een verzetschrift ingediend.
Gezien het voorgaande verklaart de Centrale Raad van Beroep het verzet niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door H. Bolt en uitgesproken op 26 april 2006.
Uitkomst: Het verzet is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de verzetstermijn.