ECLI:NL:CRVB:2006:AX6454
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot periodieke WUV-uitkering wegens onvoldoende verminderd functioneren
Appellante is erkend als vervolgde in de zin van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Zij verzocht om een periodieke uitkering vanwege psychische en lichamelijke klachten die samenhangen met vervolging.
Verweerster kende deze uitkering niet toe omdat de psychische klachten niet hadden geleid tot een verminderd functioneren ten opzichte van leeftijdgenoten en de lichamelijke klachten (darm- en rugklachten) niet aan de vervolging konden worden toegeschreven. Een bezwaar tegen dit besluit werd ingetrokken, waardoor het besluit rechtsgeldig werd.
Appellante vroeg vervolgens herziening aan met nieuwe medische gegevens, waaronder erfelijkheidsonderzoek, maar de Raad concludeerde dat er geen eenduidige nieuwe feiten waren die het eerdere oordeel konden wijzigen. De Raad oordeelde dat de darmklachten niet causaal aan de vervolging konden worden toegeschreven en dat het bestreden besluit stand hield.
De Raad pastte een terughoudende toets toe gezien de discretionaire bevoegdheid van verweerster en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de periodieke WUV-uitkering wordt gehandhaafd.