ECLI:NL:CRVB:2006:AX9009
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen proceskostenveroordeling inzake niet-beroepsmatige rechtsbijstand door familielid
De Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarin zij werd veroordeeld tot betaling van proceskosten voor rechtsbijstand verleend door de zoon van betrokkene.
De kern van het geschil betrof de vraag of de door de zoon verleende rechtsbijstand kan worden aangemerkt als door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in de zin van artikel 1, sub a van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). De Raad oordeelde dat de bijstand van de zoon niet als professionele rechtsbijstand kan worden gezien, maar veeleer voortkomt uit de familiale relatie.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard en de proceskostenveroordeling vernietigd. De Raad zag geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak werd gedaan door rechter T.L. de Vries op 16 juni 2006.
Uitkomst: De proceskostenveroordeling tegen de Sociale verzekeringsbank wegens rechtsbijstand door de zoon van betrokkene wordt vernietigd.