ECLI:NL:CRVB:2006:AY0103
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking reïntegratieplan
Appellant ontving een bijstandsuitkering en werd in maart 2003 betrokken bij een uitstroomtraject via bureau KISS Communicatie, waarbij een reïntegratieplan werd opgesteld. Appellant tekende het plan voor gezien maar niet voor akkoord en uitte twijfels over de professionaliteit van KISS. Tijdens gesprekken stelde appellant voorwaarden aan het plan, waaronder dat alleen acties uitgevoerd zouden worden die in wederzijds overleg waren vastgesteld. KISS weigerde deze toevoeging en meldde dat zonder wederzijds vertrouwen geen traject mogelijk was.
Het College van burgemeester en wethouders van Leeuwarden legde appellant een maatregel op door de uitkering tijdelijk te verlagen wegens onvoldoende medewerking aan het reïntegratieplan. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat appellant onvoldoende had meegewerkt en dat de maatregel terecht was opgelegd conform de Algemene bijstandswet en het Maatregelenbesluit.
De Raad oordeelde dat het voorbehoud en de passieve houding van appellant een belemmering vormden voor inschakeling in arbeid. Er waren geen dringende redenen om van de maatregel af te zien. De brief van appellant aan KISS bood geen grond voor een ander oordeel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de maatregel tot weigering van 10% van de bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking aan het reïntegratieplan.