ECLI:NL:CRVB:2006:AY4913
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verzekeringsplichtige arbeidsrelatie tussen tomatendraaier en kwekerij
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen een uitspraak van de rechtbank die het bezwaar tegen een verzekeringsplichtige arbeidsrelatie ongegrond verklaarde. Het geschil draait om de vraag of de tomatendraaier, werkzaam bij appellante, in een privaatrechtelijke dienstbetrekking stond volgens artikel 3 van Pro de sociale werknemersverzekeringswetten.
Appellante stelde dat er geen persoonlijke arbeidsverplichting bestond en dat het werk eenvoudig was, waardoor iemand anders het kon doen. Ook werd het bestaan van een gezagsverhouding betwist, mede omdat de tomatendraaier ervaring had en het werk zonder nadere scholing kon uitvoeren. De Raad overwoog dat ondanks het eenvoudige karakter van het werk, het specifiek en vakbekwaam was en dat de tomatendraaier persoonlijk en bewust werd ingezet zonder daadwerkelijke vervanging.
Verder concludeerde de Raad dat de mogelijkheid tot gezagsuitoefening door appellante aanwezig bleef, ondanks dat aanwijzingen en controle in de praktijk afnamen. De eigenaar liep dagelijks rond en kon toezien op het werk. Gezien deze omstandigheden was er sprake van een verzekeringsplichtige arbeidsrelatie. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde en de aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat er sprake is van een verzekeringsplichtige arbeidsrelatie tussen appellante en de tomatendraaier.