ECLI:NL:CRVB:2006:AY5111
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over WAO-uitkering wegens onjuiste belastbaarheidsschatting
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het UWV-besluit van 24 juni 2002, waarin haar bezwaren tegen eerdere besluiten van 19 april 2001 ongegrond werden verklaard en zij werd beoordeeld als geschikt voor gangbaar werk. De Raad oordeelt dat de verzekeringsarts de medische beperkingen van appellante juist heeft vastgesteld, mede op basis van medische rapporten en het ontbreken van aanwijzingen voor het ontbreken van benutbare mogelijkheden.
Echter concludeert de Raad dat de functies waarop de belastbaarheidsschatting is gebaseerd, met name de functie van schoonmaker gebouwen, niet in overeenstemming zijn met de vastgestelde beperkingen, vanwege een te hoge werkdruk die niet past bij de urenbeperking van appellante. Hierdoor is de schatting onvoldoende gefundeerd.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en gelast het UWV een nieuw besluit te nemen, waarbij ook de in hoger beroep gevorderde schadevergoeding in aanmerking moet worden genomen. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot een proceskostenvergoeding van in totaal € 1.207,50.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt gelast een nieuw besluit te nemen.