ECLI:NL:CRVB:2006:AY5354
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV tot weigering van een WAO-uitkering, omdat zij volgens het UWV minder dan 15% arbeidsongeschikt is. De rechtbank had dit besluit eerder bevestigd.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat haar medische beperkingen zijn onderschat, onderbouwd met een rapport van een zenuwarts. De Raad heeft dit rapport beoordeeld en stelt vast dat de diagnose pijnstoornis niet leidt tot de conclusie dat appellante geen duurzaam benutbare arbeidsmogelijkheden heeft. De bezwaarverzekeringsarts heeft opgemerkt dat lichamelijke activiteiten bij fibromyalgie juist moeten worden aangemoedigd en dat willekeurige fysieke beperkingen niet gesteld mogen worden.
De Raad sluit zich aan bij de eerdere beoordeling van de rechtbank en het UWV en ziet geen reden om het bestreden besluit onrechtmatig te achten. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.