ECLI:NL:CRVB:2006:AY5860
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant had een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, die door het UWV per 19 september 2003 werd ingetrokken omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn.
De rechtbank Zwolle-Lelystad vernietigde het bestreden besluit van het UWV, maar handhaafde de rechtsgevolgen van de intrekking. Appellant stelde in hoger beroep dat zijn geestelijke gesteldheid onvoldoende was meegewogen en dat de informatie van de zenuwarts onvoldoende was meegenomen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig en volledig was uitgevoerd, mede doordat appellant door zowel de verzekeringsarts als de bezwaarverzekeringsarts was onderzocht en er aanvullende informatie bij de huisarts was opgevraagd.
Er waren geen objectieve medische verklaringen die een ander oordeel konden ondersteunen. De Raad bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en verwierp het hoger beroep van appellant.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.