ECLI:NL:CRVB:2006:AY6019
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Strafontslag wegens ernstig plichtsverzuim na bedreigingen en vals beschuldigen leidinggevende
Betrokkene was sinds 1991 werkzaam bij het ministerie van Justitie en werd sinds 2001 proefgewijs coördinator van een afdeling. Na ziekmelding in mei 2001 meldde hij diverse bedreigingen, onder meer door een leidinggevende D en haar echtgenoot. D overleed in februari 2002. Een intern onderzoek van het Bureau Integriteit en Veiligheid (BI&V) concludeerde dat het zeer aannemelijk was dat betrokkene zelf de bedreigingen in scène had gezet.
De Minister besloot betrokkene strafontslag te verlenen wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder het valselijk beschuldigen van D, bedreigingen aan collega Y, het veroorzaken van onrust en het doen van valse aangiften. Betrokkene maakte bezwaar tegen het ontslag en de stopzetting van zijn bezoldiging, maar het bezwaar tegen de stopzetting werd niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond, waarna beide partijen hoger beroep instelden. De Raad oordeelde dat het bewijs voldoende was voor het plichtsverzuim en dat het onderzoek van de Minister zorgvuldig was uitgevoerd. Ook als sommige gedragingen niet bewezen zouden zijn, was het ontslag niet onevenredig vanwege de ernst van de overige gedragingen. Het hoger beroep van betrokkene en de Minister werd verworpen en het ontslag bevestigd.
De Raad legde tevens een griffierecht op aan de Staat der Nederlanden en wees het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het hoger beroep van betrokkene tegen het strafontslag wordt afgewezen en het ontslag wordt bevestigd.