ECLI:NL:CRVB:2006:AY6226
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van arbeidsongeschiktheidsschatting WAZ-uitkering ondanks neuropsychologisch rapport
Appellant stelde beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Arnhem die het besluit van het UWV handhaafde om zijn WAZ-uitkering vast te stellen op een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45%. Appellant voerde aan dat een neuropsychologisch rapport en medicatiegebruik tot een hogere mate van beperkingen zouden leiden dan door de verzekeringsarts was vastgesteld.
De Centrale Raad van Beroep heeft het rapport van de klinisch psycholoog en de commentaren van de bezwaarverzekeringsarts beoordeeld. De Raad vond onvoldoende aanwijzingen dat de medische beperkingen waren onderschat. Ook de stelling dat medicatiegebruik tot extra beperkingen leidt, werd niet onderbouwd geacht.
Verder werd bevestigd dat de vastgestelde belastingpatronen in het functie-informatiesysteem (FIS) als juist moeten worden aangenomen, tenzij onjuistheid wordt aangetoond. De Raad onderschreef de eerdere jurisprudentie en de overwegingen van de rechtbank dat enkel het stellen van werk onder tijdsdruk onvoldoende is om de belastingscores te betwisten.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en liet het arbeidsongeschiktheidspercentage ongewijzigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45% en wijst het hoger beroep af.