ECLI:NL:CRVB:2006:AY7646
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag voorziening verhuizing oorlogsgetroffene wegens ontbreken medische noodzaak
Appellante, erkend als vervolgde op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, vroeg een voorziening voor verhuiskosten in verband met haar verhuizing naar Israël. De Pensioen- en Uitkeringsraad wees dit af omdat de verhuizing niet medisch noodzakelijk of medisch-sociaal wenselijk werd geacht, maar werd beschouwd als een levenskeuze, voornamelijk ingegeven door de wens om bij haar kinderen te wonen.
Appellante voerde aan dat haar verhuizing voortkwam uit psychische klachten die direct verband houden met haar vervolgingservaringen en dat deze klachten een medische noodzaak tot verhuizing vormden. Ter onderbouwing werd een psychiatrisch rapport overlegd. De Raad concludeerde echter dat er geen sprake was van een dreigende psychische decompensatie en dat de verhuizing niet medisch voorgeschreven was.
De Raad achtte de verhuizing een begrijpelijke keuze, mede ingegeven door sociale en emotionele overwegingen, maar niet een medische indicatie zoals vereist onder artikel 20 van Pro de Wet. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de verhuizing geen medische noodzaak betreft maar een levenskeuze is.